Overlijdensaangifte

Algemeen

Als iemand overlijdt doet u hiervan aangifte in de gemeente waar deze persoon is overleden. De gemeente verwerkt het overlijden in de burgerlijke stand en de Basisregistratie Personen (BRP). Aangifte doen is verplicht. Meestal doet de uitvaartondernemer dit. Als nabestaande kunt u dit ook zelf doen. Uitvaartondernemers kunnen hier digitaal aangifte doen. Wilt u zelf aangifte doen, dan kunt u hiervoor een afspraak maken.

Kijk voor meer informatie over de procedure lijkvinding onderaan op deze pagina.

Aangifte doen

Komt u persoonlijk bij de balie van het Stadskantoor het overlijden aangeven? Dan kunt u daarvoor een afspraak maken .

De uitvaartondernemer of u doet de aangifte bij de gemeente. Doe dit binnen zes dagen na het overlijden. Een begrafenis of crematie moet namelijk uiterlijk op de zesde werkdag na het overlijden plaatsvinden.

U krijgt twee documenten van de gemeente:

  • toestemming voor de uitvaart (het ‘verlof tot begraven’ of het ‘verlof tot cremeren’). Heeft de overledene aangegeven dat hij of zij het lichaam aan de wetenschap wil geven? Dan krijgt u een document met het ‘verlof tot ontleding’.
  • een afschrift van de overlijdensakte.

Wat neemt u mee of voegt u bij?

  • B-enveloppe met daarin het formulier van de arts over de oorzaak van het overlijden.
  • Uw geldige legitimatiebewijs.
  • Als uitstel van de crematie of begrafenis nodig is: een vergunning hiervoor.
  • Eventueel uw trouwboekje.

Is de overledene op een natuurlijke manier gestorven? Dan neemt u ook mee:

  • Verklaring van natuurlijk overlijden (van een schouwarts).

Is de overledene niet op een natuurlijke manier gestorven? Dan neemt u ook mee:

  • Verklaring van niet-natuurlijk overlijden (van een schouwarts).
  • Verklaring van geen bezwaar voor de begrafenis of crematie (van de officier van justitie).

Kosten

De leges voor een uittreksel uit het overlijdensregister zijn € 15,70.

Aanvullende informatie

Is iemand uit Nederland in het buitenland overleden? Dan geeft u dit door aan de gemeente waar deze persoon woonde. Hiervoor hebt u een (gelegaliseerde) overlijdensakte nodig uit de plaats waar de persoon is overleden. U kunt hiervoor contact opnemen met de Nederlandse ambassade of het consulaat. Is er in het land waar u bent geen Nederlandse diplomatieke post? Dan kunt u naar de ambassade gaan van een ander EU-land. Of neem contact op met uw reisorganisatie of lokale politie. Meer informatie vindt u op de website van de Rijksoverheid.

Uitstel van begraven of crematie

Soms is het niet mogelijk om iemand binnen zes dagen na overlijden te begraven of cremeren. U kunt dan uitstel vragen aan de burgemeester. De uitvaartondernemer regelt dit meestal.

Procedure lijkvinding

Er is sprake van lijkvinding als de plaats of het tijdstip van overlijden onbekend of onzeker is. 

Is de dag en plaats van overlijden wel bekend, wanneer een overledene wordt gevonden? Dan gaat het niet om lijkvinding. In dat geval wordt de normale procedure voor de aangifte van overlijden gevolgd.

Melden bij de politie

Als u een lijk vindt, moet u dit bij de politie melden. De politie maakt vervolgens een proces-verbaal op. 

Dit geldt ook als al duidelijk is dat het om een natuurlijke dood gaat, of als vastgesteld is dat de overledene in zijn woning is overleden. 

De politie stelt de hulpofficier van justitie op de hoogte van de lijkvinding. Vervolgens moet de hulpofficier schriftelijk de overlijdensaangifte doen. Dit doet de hulpofficier bij de ambtenaar van de burgerlijke stand in de gemeente waar het lijk is gevonden of aan land is gebracht.